| Onderlaag | Iedere verbinding, OSPF-buur en BFD-sessie controleren; één uplink en één spine uitzetten | Vooraf zijn alle buren aanwezig; bij uitzetten vallen alleen de verwachte buren weg en schakelt het verkeer binnen 1 seconde om zonder sessieverlies, gemeten met doorlopend testverkeer. |
| Overlay | EVPN-routes (type 2, 3 en 5) en VNI-koppelingen per leaf vergelijken met de registratie; de gerenderde routetabel per routeringsdomein controleren, ook op routes die via de firewall terugkomen | Geen ontbrekende of onbekende VNI’s; routes in het juiste routeringsdomein; specifieke routes van de andere domeinen aanwezig, niet alleen de standaardroute. |
| Multihoming | Een serverkabel lostrekken, een leaf herstarten en de beheer-leaf van het rek uitzetten | Geen verbinding langer dan 1 seconde onderbroken; bundel of switch meldt de uitval in de bewaking. |
| MTU | IP-pakketten van 9000 bytes met DF-bit tussen alle aangesloten knooppunten in VLAN 620, 621 en 630, ook vanuit virtuele werkers met directe opslagtoegang | Op geen enkel pad fragmentatie of verlies. |
| Isolatie | Verbinding proberen vanuit een applicatiesegment naar VLAN 620, 621, 630, vrf-herstel en een ander profiel; vanuit productie naar vrf-herstel; in VLAN 620 van werker naar werker | Alles geweigerd en vastgelegd op de firewall, geweigerd door de toegangslijsten op de leaf, of onbereikbaar omdat er geen gateway is. |
| Zoneregels | Iedere vaste stroom beproeven, ook in omgekeerde richting, plus drie niet-genoemde stromen; de modelcontrole dekt de overige | Alleen toegestane stromen werken; al het andere wordt geweigerd en gemeld. |
| Gateway en verhuizing | Een virtuele machine verhuizen tussen rekken tijdens een doorlopende meting | Gateway en verbindingen blijven; de onderbreking blijft binnen de norm voor de verhuizing van een virtuele machine. |
| Broadcast | ARP-onderdrukking en storm control meten met een testgenerator | Geen doorgifte boven de drempel; geen invloed op andere segmenten. |
| Doorvoer | Per server (2 × 100 Gb) en per opslagknooppunt (2 × 400 Gb) meten, binnen en tussen rekken, met meerdere stromen | Ten minste 90 procent van de lijnsnelheid; verdeling over beide poorten zichtbaar. |
| Verkeersbeleid | Opslag- en migratieverkeer tegelijk verzadigen, plus clusterverkeer over VLAN 660 | De opslagklasse behoudt haar garantie, migratie blijft onder het plafond en BGP- en BFD-sessies blijven staan. |
| Automatisering | Een ongeldig voorstel indienen (een VLAN buiten het profiel, een route tussen VRF’s) en een handmatige wijziging op een switch aanbrengen | Het voorstel wordt door de modelcontrole geweigerd; de afwijking wordt binnen een dag gemeld. |
| Segment per cluster | Een applicatiecluster aanmaken en beëindigen via het leverpad | Het segment is binnen 15 minuten aanwezig en na beëindiging verwijderd, zonder restanten in registratie of fabric. |
| Clusterintegratie | Een BGP-sessie vanuit een fysiek cluster en een EVPN-netwerk vanuit een cluster, in de fase van route-aankondiging en EVPN vanuit clusters | Routes en MAC-adressen zichtbaar in het juiste domein; het prefixfilter weigert een niet-geregistreerde reeks, de fabric een niet-geregistreerd VNI. |