Hoe de identiteit van een persoon van de RWS-bronnen via het identiteitsbeheer en de toegangsvoorziening van de cel bij het doelsysteem komt. Iedere cel heeft eigen voorzieningen; RWS houdt de regie.
Nog niet bevestigd door een mens. Eigenaar: vdo89. Bron in de atlas
De identiteitsketen brengt de identiteit van een persoon van de RWS-bronnen naar het doelsysteem. RWS-HR en de
directory voeden het identiteitsbeheer van de cel, dat accounts, rollen en groepen beheert. De toegangsvoorziening
verzorgt de aanmelding en geeft de groepen mee, en het doelsysteem handhaaft de rechten. Dit onderwerp legt de keten
vast: de bronnen en accounts, de voorzieningen met hun versies, hun plaats in het netwerk en hoe ze zelf worden
beheerd.
De exemplaren, databases en back-ups van de voorzieningen horen bij het basisdienstencluster; zie De basisdiensten en
hun plaatsing. De directory en RWS-HR zelf vallen buiten het
domein.
Waarom zo
Wie binnen is in het netwerk, krijgt daarmee geen rechten: identiteit is de grens. Door identiteitsbeheer en
aanmelding te scheiden, zijn levenscyclus, herbeoordeling en intrekking aantoonbaar, los van de aanmelding.
Eigen voorzieningen per cel zorgen dat een fout of een gestolen recht in de ene cel de andere niet raakt; alleen de
bronnen bij RWS zijn gedeeld.
Identiteit is de belangrijkste grens van het platform. Toegang volgt uit een gecontroleerde identiteit en een expliciete rol, niet uit de plaats in het netwerk; het netwerk beperkt alleen de ingangen. Clusters en platformdiensten ontlenen rechten alleen aan rollen en kennen de persoon alleen voor de audit.
RWS houdt de regie over identiteits- en toegangsbeheer. IAM-beheer, de rol Identiteitsbeheer van RWS, is eindverantwoordelijk voor de identiteitsketen en het rollenmodel, en de identiteiten komen uit de eigen bronnen van RWS: RWS-HR en de directory.
Identiteitsbeheer en aanmelding zijn twee voorzieningen, elk met een eigen database. midPoint is het identiteitsbeheer: levenscyclus, rollen, tijdelijke rechten en herbeoordeling. Red Hat build of Keycloak is de toegangsvoorziening: aanmelding met meerfactoraanmelding, met de groepen in het toegangsbewijs. Beide draaien op het basisdienstencluster van de cel.
Toelichting
Afgewezen alternatief: alleen Keycloak, met groepen uit de directory. Dan zijn intrekking en herbeoordeling niet aantoonbaar.
Iedere cel heeft een eigen toegangsvoorziening en een eigen identiteitsbeheer, gevoed uit de centrale RWS-bronnen. Gedeeld zijn alleen die bronnen, RWS-HR en de directory, niet het identiteitsbeheer. De directory (Active Directory) levert identiteiten, geen autorisaties; autorisaties worden op de doelsystemen afgedwongen.
Toelichting
Afgewezen alternatief: één voorziening voor beide cellen. Eén fout of gestolen recht raakt dan beide cellen. Alleen de vlootbrede rollen reiken over de cellen, met aparte maatregelen. De afdwinging wordt per doelsysteem beproefd met de toets Beheertoegang en noodtoegang.
Het identiteitsbeheer leest RWS-HR voor instroom, wijziging en vertrek en de directory (AD DS) voor bestaande accounts, en correleert ze op personeelsnummer. In de directory schrijft het alleen de groepen voor apparatuur. Onverwachte bronwijzigingen pauzeren de synchronisatie in simulatiemodus; een bevestigd vertrek gaat altijd door.
Toelichting
Een gepauzeerde bronsynchronisatie schort de norm voor intrekking niet op. Grote verschillen na uitval van een bron worden eerst in simulatiemodus verwerkt. Directorybeheer en de eigenaar van RWS-HR leveren de bronnen; de directory en RWS-HR zelf vallen buiten het domein.
Iedere persoon werkt met één persoonlijk account, dat alleen in het identiteitsbeheer ontstaat, vanuit RWS-HR en de directory. Gedeelde persoonsaccounts bestaan niet. De toegangsvoorziening kent geen andere lokale gebruikers dan de noodaccounts, en ieder gebruik daarvan is gekoppeld aan de twee personen van de uitgifte.
Toelichting
Reden: herleidbaarheid. Controle: een geplande vergelijking van de accounts in Keycloak met midPoint en een scan op lokale accounts; beleid meldt iedere extra identiteitsaanbieder in een cluster.
Installatie- en beginaccounts van clusters, Keycloak, midPoint, Guacamole, Forgejo, Quay, Ansible Automation Platform, NetBox en apparatuur zijn verwijderd, vervangen of in de kluis gelegd, pas nadat aanmelding en noodtoegang zijn beproefd; waar verwijderen niet kan, is het account uitgeschakeld. Standaardwachtwoorden, zoals van OneView, NetScaler, iLO en het Ceph-dashboard, zijn vervangen.
Toelichting
Reden: geen bekende wachtwoorden. Controle: een controlelijst per product bij de oplevering en een compliancecontrole op het installatieaccount van ieder cluster.
De omvang van identiteit en toegang bij de eerste levering en de beoogde groei.
Kenmerk
Eerste levering
Groei
Exemplaren per cel
Toegangsvoorziening 3; identiteitsbeheer 2; gateway met beheeringang en teamingang, elk 2 webtoepassingen en 2 × guacd; platformpool en teampool van elk 2 beheerservers
Dezelfde opbouw in cel 2, in groeipadstap 2
Aangesloten clusters
vl-01, c1-bd-01, c1-cb-01 en c1-vw-01; op de tien plaatsen van het clusterbeheer het bouwcluster, het portaalcluster en ten hoogste zeven applicatieclusters van teams, en één plaats voor de herstelomgeving
De softwarestapel van identiteit en toegang. De leveranciers bevestigen de stapel en de tussenliggende upgradecombinaties bij de acceptatie, voor midPoint en de connector Evolveum of een partner; anders geldt voor de connector de terugvaloptie en voor de rest de vorige ondersteunde versie.
Product
Versie
Rol
Ondersteuningsvoorwaarde
Red Hat build of Keycloak
26.6, operator met Keycloak-CR v2beta1
Toegangsvoorziening
Red Hat; een realmimport alleen voor een nieuwe realm, wijzigingen via de beheer-API
midPoint
4.10, ondersteund tot 26 november 2027; PostgreSQL 17 op CloudNativePG 1.30.1
Identiteitsbeheer
Abonnement bij Evolveum of een partner; overstap naar de volgende versie met lange ondersteuning vóór 26 november 2027
Connector voor de beheer-API van Keycloak
Vastgezette versie
Accounts en groepen naar Keycloak
Onder het abonnement van midPoint; voorwaarde bij de acceptatie, met terugvaloptie
Apache Guacamole
1.6.0
Toegangsgateway met sessieopname
Voorwaarden bij de acceptatie, met terugvalopties voor de opname en voor de sleutel in de sessie
Red Hat Enterprise Linux
10
Beheerservers met de vaste beheerhulpmiddelen
Bijwerken door vervanging uit code
OpenShift Container Platform
4.22
Ingebouwde OAuth-server met Keycloak als OpenID-aanbieder
Niet de rechtstreekse externe OIDC, die de OAuth-server en het installatieaccount uitschakelt
Red Hat Zero Trust Workload Identity Manager
1.1.1
Applicatie-identiteit (SPIFFE en SPIRE)
1.1 volledig ondersteund tot 16 november 2026; een ondersteunde opvolger is een voorwaarde bij de acceptatie van clusters als dienst, met terugvaloptie
OpenBao
2.7.0
OIDC voor beheerders; Kubernetes-authenticatie per cluster; SSH- en database-engine voor tijdelijke bewijzen
2.7 verwijdert de aanmeldmethoden LDAP, Kerberos en RADIUS, die niet worden gebruikt
AD DS en RWS-HR
Bestaande RWS-voorzieningen
Bronnen; eerste factor; aanmelding van apparatuur zonder OIDC
Koppelvlak, bronaccounts en organisatie-eenheid voor apparatuur in de dienstafspraak
Voor OpenBao stond eerst 2.6.3; het domein geheimen en het basisdienstencluster gaan uit van 2.7.0, de nieuwste minorversie. Die tegenspraak vraagt een besluit. Voor de actuele versies en ondersteuningstermijnen gelden de feiten uit de publieke documentatie.
midPoint zet accounts en groepen in Keycloak met de connector voor de beheer-API van Keycloak, in een vastgezette versie onder het abonnement van midPoint. De connector wordt bij iedere upgrade van Keycloak beproefd.
Toelichting
De ondersteuning van de connector is een voorwaarde bij de acceptatie. Terugvaloptie: een draaiboek van de automatisering tegen de beheer-API, gestart door midPoint en ieder uur.
De voorzieningen gaan mee in de upgradestap van het basisdienstencluster, na het vlootcluster en vóór het clusterbeheer, één basisdienst per venster. Daarbinnen gaan de connector en midPoint eerst in de leeromgeving tegen de nieuwe Keycloak-versie, daarna Keycloak, midPoint en de gateway. Een back-up van de database van Keycloak is de terugweg. Nieuwe instellingen van clients of van de groepsafbeelding gaan na de leeromgeving eerst naar de clients van de proefgroep, dan per uitrolgolf.
Toelichting
Na een upgrade worden aanmelding, verhoging en intrekking gecontroleerd.
De voorzieningen groeien per cel, niet per cluster: een nieuw applicatiecluster krijgt één client en rolbindingen naar bestaande groepen, een nieuw team zijn groepen. Twee van de drie exemplaren van de toegangsvoorziening dragen de piek van een cel. De normen gelden voor alle afnemers, los van het dienstprofiel.
Toelichting
Aangetoond met de belastingsproef bij de acceptatie. De reserve van het basisdienstencluster voor uitval van één server wordt niet uitgegeven; processor of geheugen boven 85 procent gedurende 15 minuten is een melding en leidt tot uitbreiding.
Toegangsvoorziening, identiteitsbeheer en de webtoepassing en guacd van de gateway draaien als containers op het basisdienstencluster, in het routeringsdomein platform (VLAN 610). De platformpool, de beheerapparaten en, alleen bij gebruik, de noodwerkplek staan in VLAN 600 in het routeringsdomein beheer; de teampool staat op het podnetwerk. De guacd van de beheeringang bereikt de platformpool via de firewall.
De toegangsvoorziening heet toegang.<cel>.dc3.internal. De beheerconsole en de ingangen hebben eigen hostnamen, clients vaste terugverwijsadressen. Servercertificaten komen via cert-manager uit de PKI van het geheimenbeheer, onder de tussen-CA van de cel, en gelden ten hoogste 90 dagen. Alleen de dienstnamen van diensten met het profiel bedrijfskritische productie krijgen een certificaat uit de tussen-CA ‘vloot’, met een rol per dienst.
Rollenmodel, koppelingen, realminstellingen en clients staan één keer als code vast, in de opslagplaats Platform; exemplaren en gegevens zijn per cel. Zij wijzigen alleen via die opslagplaats, eerst in de leeromgeving, en een noodwijziging staat binnen 1 werkdag in code. Het vlootbeheer rolt de rolbindingen uit vanuit basis/.
Toelichting
Een wijziging van het rollenmodel raakt beide cellen en vraagt daarom twee beoordelaars naast de auteur; een fout in gegevens blijft in één cel. Controle: een export van de realm, vergeleken met versiebeheer, en een melding van het SOC bij wijzigingen buiten versiebeheer.
Keycloak en midPoint wijzigen via code en automatisering tegen hun beheer-API. Rechtstreeks ingrijpen vraagt een platformbrede verhoging in de groep <cel>-iam-verhoogd, vanuit de platformpool, met de beheerrollen van de realm platform. De master-realm dient alleen de eerste inrichting en heeft geen persoonlijke accounts. De beheerconsole van Keycloak heeft een eigen hostnaam en is alleen vanuit de platformpool bereikbaar.